Kunnen christenen het Joodse volk en de staat Israël van elkaar scheiden?
Naar aanleiding van het veelgelezen interview met David van Ouwerkerk kreeg hij een vraag voorgelegd die onder christenen, en zeker ook onder jongeren, nadrukkelijk leeft. Waar ligt de grens tussen steun aan het Joodse volk en een kritische houding tegenover de Israëlische politiek?
Het interview met David van Ouwerkerk, onder de titel “Lotgenoten met de vreugde, maar ook de lijdensweg van het Joodse volk”, trok de belangstelling van duizenden lezers. In reactie daarop werd hem een vraag gesteld die in het actuele debat vaak terugkeert: moeten christenen geen onderscheid maken tussen het Joodse volk en de Joodse staat Israël?
In overleg met David van Ouwerkerk publiceert de redactie hieronder de vraag en zijn uitgebreide antwoord.
“Ik vind het sowieso mooi om te zien hoe u opkomt voor het staan naast Israël. Toch vraag ik mij af waar voor u de scheiding ligt, voor zover die er is, tussen het Joodse volk en de bijbehorende Bijbelse geschiedenis enerzijds, en de staat Israël anderzijds. De politiek van die staat maakt immers keuzes over allerlei gevoelige thema’s.”
Dit is een heel goede vraag. Zij komt dicht bij mijn persoonlijke getuigenis.
Ondanks dat ik met veel liefde voor Joden en Israël was opgegroeid, wilde ik als achttienjarige terugverhuizen naar Nederland. Ik was helemaal klaar met het volk en het land. De hardheid van de mensen zorgde bij mij voor boosheid en bitterheid. Daartegen wilde ik mij afzetten.
Toen ging ik er nog één keer voor bidden. Er gebeurde iets wonderlijks. Ik zag een lichtgevende hand die Ezechiël 2, vers 3 op mijn muur schreef.
“Hij zei tegen mij: Mensenkind, Ik zend u naar de Israëlieten, naar die opstandige volken, die tegen Mij in opstand zijn gekomen. Zij en hun vaderen hebben tot op deze dag tegen Mij overtreden.”Bijbeltekst zoals aangehaald door David van Ouwerkerk
Ik voelde op dat ogenblik de zwaarte van Gods aanwezigheid heel sterk. Zo kwam in mijn leven een proces op gang waarin ik mijn leven aan de Heer ging toewijden en ja zei tegen die roeping.
Volk, land en zegen
Maar terug naar de vraag. In het kort zou ik die zo beantwoorden: Bijbels gezien is de verbinding tussen het Joodse volk en het land Israël sterk aanwezig.
God zegende Abraham met een volk, een land en zegen. Degenen die hem zouden zegenen, zouden gezegend worden. Degenen die hem zouden vervloeken, zouden vervloekt worden. Dit is een fundamenteel principe voor de christelijke zienswijze op het Joodse volk en Israël.
Verder draagt de Bijbel gelovigen meermaals op om te bidden voor de vrede van Jeruzalem. Jeruzalem is een concrete plaats in het land. Bijbels gezien zie ik daarom geen scheiding tussen het Joodse volk en het land dat juist aan dit volk is beloofd.
“Bijbels gezien zie ik geen scheiding tussen het Joodse volk en het land dat juist aan dit volk is beloofd.”
Steun betekent niet dat Israël niets fout kan doen
Na dit principiële christelijke uitgangspunt inzake Joods volk, Joods land en Joodse staat, rijst een volgende vraag: hoe gaan wij als christenen om met een land en een volk dat tot op vandaag in zonde leeft?
Wij weten dat de meeste Joden nog een sluier voor hun ogen hebben en Jezus nog niet kennen. Maar dat moment zal nog komen. Het grote probleem is dat zij, ondanks dat zij gezegend zijn en door God worden beschermd, nog steeds keuzes maken vanuit het vlees en vanuit wereldse redeneringen. Daaraan ligt zonde ten grondslag.
Stel dat wij een broer of zus hebben die de Heer nog niet kent en verkeerde keuzes maakt. Die broer of zus schrijven wij toch niet af? Wij blijven toch van hem of haar houden? En bovenal blijven wij voor die persoon bidden, opdat diens ogen opengaan en hij of zij de Heer leert kennen.
Juist zo’n zegenende houding past christenen tegenover het Joodse volk en de Joodse staat.
Ik weet dat wereldwijd veel christenen sterk betrokken zijn bij de Israëlische politiek en daarvoor ook bidden. Dat acht ik bijzonder belangrijk, want wij kunnen het gebed zeker gebruiken.
Persoonlijk vind ik het nog belangrijker dat wij ons blijven richten op het volhardende gebed voor de redding van het Joodse volk in de gehele wereld. Dat geldt eveneens voor Israël, inclusief Israëlische Arabieren en Palestijnen.
“Een zegenende houding tegenover Israël betekent niet dat christenen moeten geloven dat Israël niets fout kan doen.”
Ik denk dat er tegenwoordig behoorlijk wat christenen zijn die doorslaan naar het idee dat Israël niets fout kan doen en nu al een gered volk is. Zonder Jezus is dat natuurlijk niet zo.
Ondanks dat er in de staat Israël veel politieke dingen gebeuren waarmee ik het beslist niet eens ben, blijf ik liefde, steun en trots tonen, omdat ik weet dat dit is wat God van ons als christenen vraagt.
Zeker, ik betreur de zondige politieke keuzes die ook in Israël worden gemaakt. Dat verdriet neem ik mee in gebed, zoals bijvoorbeeld de profeet Jeremia dat eveneens deed.
Liefde, gebed en getuigenis
Wanneer wij de mogelijkheid hebben om met Joden en Israëli’s over Yeshua te spreken, is dat alleen maar mooi. Het is het beste wat wij kunnen doen.
Deze liefde wekt bij Joden de jaloezie op om open te staan voor Jezus. Zie bijvoorbeeld de brief van Paulus aan de Romeinen, hoofdstuk 11, verzen 13 tot en met 15.
Uiteindelijk heeft dit te maken met Gods reddingsplan voor Joden en christenen en met de terugkomst van Yeshua, Die vanuit Jeruzalem zal regeren.
David van Ouwerkerk wijst erop dat juist de jonge generatie christenen zoekt naar een gelovige en tegelijk doordachte houding tegenover het Joodse volk en de Joodse staat. Op deze generatie en op dit gesprek wil hij zich de komende tijd nadrukkelijk concentreren.
Reactie plaatsen
Reacties